• abcnova nieuws

    Wij houden u graag op de hoogte

Kleine gemeenten missen boot mobiliteitsinnovatie

08 december 2020

Mobiliteit is één van de kernthema’s bij gebiedsontwikkelingen. In het verleden was de aanleg van een verkeersstructuur vaak nog volgend aan het programma en de inrichting, maar de laatste jaren wordt mobiliteit gezien als een van de belangrijkste randvoorwaarden voor de ontwikkelopgave. Dit wordt voor een groot deel veroorzaakt door toevoeging van woningbouw in bestaande wijken, die vragen om andere mobiliteitsoplossingen dan uitbreidingslocaties. De toe te passen mobiliteitsstrategie op een locatie is afhankelijk van de in te zetten mobiliteitsmaatregelen bepaald door de functiemix, het ruimtegebruik, de verbinding met de omgeving, de nabijheid van openbaar vervoer en de mogelijkheden van het faciliteren van nieuwe mobiliteitsservices. Daarnaast is de plaats essentieel in het bepalen van de mobiliteitsstrategie. En hier wringt volgens ons de schoen. Wij ervaren dat grote gemeenten veel sneller stappen nemen in het oplossen van mobiliteitsvraagstukken dan kleinere gemeenten. Waardoor komt dit? En hoe kunnen we ervoor zorgen dat kleinere gemeenten ook mee kunnen in de mobiliteitsontwikkelingen, zodat er geen kloof ontstaat?

Voorbeeldfunctie

Grote gemeenten hebben altijd al een voorbeeldfunctie gehad ten opzichte van kleinere gemeenten. Door de overheid gestelde ambities worden bij grote gemeenten vaak onder een vergrootglas gehouden door meer media-aandacht en invloeden vanuit de centrale of eigen politiek. Om de snelle veranderingen van ‘concurrerende’ grote gemeenten bij te kunnen houden, moet je als gemeente ook inspelen op nieuwe concepten en mobiliteitsprincipes, door beleidsmatig meer mogelijk te maken. Daarnaast spelen in grote gemeenten vaak meerdere projecten tegelijkertijd die allen om een heldere project overstijgende mobiliteitsvisie vragen. Door het uitrollen van deze visie op grotere schaal zal de impact groter zijn en is het resultaat in de jaren daarna direct zichtbaar. Alle projecten dienen bij te dragen aan het bereiken van de mobiliteitsdoelstellingen voor de stad.

Kleinere gemeenten hebben misschien minder te maken met grote druk van buitenaf en concurrentieposities, maar worden wel beïnvloed door hun eigen politiek. Beleid wordt niet zomaar aangepast, wanneer er maar bij één project een nieuw mobiliteitsconcept toegepast kan worden. De resultaten hebben minder impact op groter schaalniveau waardoor er minder druk is op het implementeren van een mobiliteitsstrategie. Verder zijn de mobiliteitsconcepten die in de grote gemeenten veelvuldig worden toegepast, zoals mobiliteithubs, niet per definitie geschikt voor kleinere gemeenten. Vernieuwende concepten voor kleinere gemeenten worden ook niet veel gepubliceerd en gedeeld, waardoor kleinere gemeenten te weinig elkaars voorbeeld kunnen volgen en de stap vooruit durven te wagen. Maar dat ze minder gepubliceerd worden, betekent niet dat ze er niet zijn. De gemeente Wijchen heeft bijvoorbeeld de stap durven te zetten om het mobiliteitsbeleid aan te passen en een lagere parkeernorm toe te staan in het project ‘Tussen Kasteel en Wijchens Meer’. Daarnaast wordt  een dynamisch parkeerverwijssysteem geïmplementeerd wat resulteert in minder zoekverkeer, waardoor minder openbare parkeerplaatsen benodigd zijn.

Ruimtegebruik

Ruimtegebruik is een ander aspect waar cruciale verschillen te zien zijn bij de keuzes die gemaakt moeten worden op mobiliteitsgebied. Een gebiedsontwikkeling in het centrum van grote gemeenten vraagt om een nieuwe kijk op de mogelijkheden voor de toekomst. De leefgebieden worden sterker verdicht, zonder dat het parkeervraagstuk toe mag nemen. Het gebruik van de auto wordt in grote gemeenten steeds meer teruggedrongen naar de randen en hoofdwegen, waarmee verwacht wordt dat doelgroepen heel bewust kiezen voor een leefstijl zonder auto, gebruik maken van een deelprincipe of meer gebruik maken van openbaar vervoer. Ontwikkelingen in de binnenstad staan vaak onder grote druk vanwege het ruimtegebrek. Dit vraagt om creatieve, niet-standaard oplossingen, in plaats van de kostbare ruimte en grote investeringen te gebruiken voor parkeergarages. Functiemenging komt vaker voor bij grote gemeenten, waar mobiliteitsconcepten, zoals een knooppuntontwikkelingen, een grotere kans op langdurig functioneren hebben vanwege de flexibiliteit.

Beperkt ruimtegebruik is een minder bepalende factor in kleinere steden en dorpen om te kiezen voor nieuwe creatieve mobiliteitsconcepten. Op deze locaties wordt meer rekening gehouden met de bestaande verkeersstructuren en naastliggende gebieden waarop verder wordt voortborduurt. De specifieke eigenschappen van de ontwikkellocatie zijn vaak leidend in de te kiezen mobiliteitsstrategie. Aangezien de afstanden naar verschillende voorzieningen vaak groter zijn in kleinere gemeenten en omdat het openbaar vervoer een kleiner bereik heeft en minder frequent rijdt, blijft de auto een belangrijk vervoersmiddel. De deelauto wordt in kleinere gemeenten eerder een alternatief voor de tweede auto, waarbij één parkeerplaats direct bij de woning zeer wenselijk blijft. Waar in grote gemeenten eisen gesteld kunnen worden aan een parkeernorm van 0,3 is in kleinere gemeenten een normverlaging van 1,8 naar 1,3 al fors. Doordat de auto nog steeds essentieel is in kleinere gemeenten, wordt het integreren van nieuwe concepten kwetsbaarder en zien we de verschillen tussen de grote en kleine gemeenten steeds verder toenemen.

Dichten van de mobiliteitskloof

De vraag is; hoe zorgen we ervoor dat kleinere gemeenten niet de boot missen op het vlak van mobiliteit? Deze vraag is drieledig te beantwoorden. Ten eerste zouden kleinere gemeenten elkaar veel meer op moeten zoeken om goede voorbeelden met elkaar te delen. Onze ervaring is dat kleine gemeenten sceptisch zijn ten aanzien van innovatieve mobiliteitsoplossingen omdat de oplossingen meer geschikt lijken te zijn voor de grote gemeenten. Door ervaringen met elkaar te delen kunnen gemeenten inzichten krijgen dat dergelijk mobiliteitsconcept ook op kleinere schaal goed kunnen werken. Ten tweede zien wij het als onze taak om als procesbegeleider gemeenten te stimuleren om vernieuwend te durven zijn, door inzichtelijk te maken wat de verschillende mogelijkheden en consequenties daarvan zijn.

Om vooruit te komen met mobiliteitsstrategieën moeten de stappen niet te rigoureus zijn. Passende mobiliteitsconcepten dienen op maat gemaakt te worden, zodat deze aansluit op de bestaande ruimtelijke structuren. Ten derde is voldoende draagvlak creëren een belangrijk onderdeel bij het integreren van nieuwe mobiliteitsconcepten. Dit geldt niet alleen voor de toekomstige gebruikers, maar ook voor de directe omgeving. De gevoeligheid van verandering kan voor kleinere gemeenten meer tot uiting komen, aangezien bewoners zich vaak sterk verbonden voelen met de plek waar ze wonen en niet willen dat er grote zaken in de directe omgeving veranderen.

Participatie is dan ook een zeer belangrijk onderdeel om de mobiliteitsstrategie te borgen. Overigens is dit tevens een aandachtspunt voor grote gemeenten, die met veel verschillende stakeholders te maken hebben. Het streven van zowel grote als kleine gemeenten zou moeten zijn om zo veel mogelijk bestaande gebruikers te ontzien en ze tegelijkertijd mee te laten profiteren van de nieuwe mobiliteitsvoorzieningen.

Deel dit bericht:

Wij houden u graag op de hoogte

Schrijf u hier in voor de nieuwsbrief

Vul een voornaam in.
Vul een achternaam in.
Vul een (geldig) e-mailadres in.
Kleine gemeenten missen boot mobiliteitsinnovatie
abcnova gebruikt cookies en scripts van Google om uw gebruik van onze websites geanonimiseerd te analyseren, zodat we functionaliteit en effectiviteit kunnen aanpassen en advertenties kunnen tonen. Meer informatie is beschikbaar in onze privacy statement.